Aziatischehorecabanen.nl maakt gebruik van cookies. Hier vindt u meer informatie.

De Indonesische keuken

In Indonesië kent men heel veel heerlijke gerechten. De oorsprong van veel recepten heeft een culturele achtergrond maar ook de spreiding en de vorm van het land is mede de oorzaak van het ontstaan van deze veelzijdige keuken. Indonesië bestaat uit zo’n 6000 bewoonde en meer dan 11000 onbewoonde eilanden. In de loop van de jaren zijn veel gerechten bereid met heel specifieke kruiden op de verschillende eilanden. De gerechten op Sumatra zijn veel pittiger dan bijv. op Java. De gerechten van Oost-Java zijn meestal wat zoeter van smaak. In deze keuken worden o.a. de Goela Djawa (Javaanse bruine suiker) en Petis (lijkt op marmite) gebruikt. Maar in de Indonesische keuken kunnen we ook veel invloeden vanuit de Chinese, Indiase, Arabische en de Nederlandse keuken ontdekken.
 

Bijzondere ingrediënten

Indonesie staat ook bekend om de vele bijzondere ingrediënten die op de verschillende eilanden groeien en worden gebruikt in de gerechten. De Indonesische keuken lijkt voor de niet-ervaren kok erg complex en de vele vaak onbekende kruiden en specerijen (bumbu) zijn soms verwarrend. In de praktijk blijkt de Indonesische keuken helemaal niet zo complex. Zodra je de kruiden en specerijen eenmaal kent, blijkt dat er bepaalde essentiële ingrediënten zijn die op bijna alle gerechten kunnen worden toegepast.
 

Meest gebruikte kruiden

De meest gebruikte kruiden in de Indonesische keuken zijn: laos, djintan (komijn), djahe (gemberwortel), kentjoer, koenjit (kurkuma, geelwortel), ketoembar (korianderzaden), sereh (citroengras), diverse bladeren (daun), zoals daun salam, het Indische laurierblad en de daun jeroek poeroet (citroenblad). Daarnaast zijn nootmuskaat (pala), kruidnagel (cengkeh), anijs (bunga lawang), komijn (jinten) zwarte en witte pepers (lada hitam, lada putih) veel gebruikte ingrediënten in de Indonesische keuken.

Naast deze kruiden worden in bijna ieder gerecht uien / sjalotten (bawang merah), knoflook, sambal of lomboks en soms ook gefermenteerde garnalen trassi gebruikt. De speciale, zachte smaak van de Indonesische keuken in veel gerechten komt door de toevoeging van santen (kokosmelk). Het gebruik van ketjap (sojasaus) is vrij algemeen.
 

Van rijst tot kroepoek

Als hoofdgerecht wordt rijst (nasi) geserveerd, veelal aangevuld met een sajoer en een vleesgerecht (ook: kip en vis) en eieren (sambal goreng tolor), tahoe en tempe komen in veel gerechten voor. Maar er zijn ook gebieden in Indonesië waar veel cassave wordt gegeten in plaats van rijst of tapioca (Molukken). Als bijgerecht is er vaak kroepoek, atjar (vaak acar campur) en sambal. Door al deze heerlijke veelzijdige gerechten heeft de Indonesische keuken vooral na de Tweede Wereldoorlog veel invloed op het eetpatroon in Nederland. In hele land werden Chinees-Indische restaurants geopend. Dit aantal groeide in de jaren zestig tot ruim tweehonderd en in de jaren zeventig tot zelfs tweeduizend restaurants, wat neerkwam op 25% van alle horecagelegenheden. Uit Indonesië kwam onder meer nasi, bami, saté, babi pangang, Kari kambing, beef rendang, gadogado en kroepoek in de Nederlandse keuken terecht.

Indonesische gerechten

269 indonesische rijsttafel

Indonesische rijsttafel

 269 indonensische rendang

Rendang

 269 sate

Sateh